De vereniging van Advocaten voor Slachtoffers van Personenschade (ASP) nam kennis van het nieuws dat het aantal “malafide letselschadebureaus” zou zijn toegenomen. Zowel het Algemeen Dagblad als de NOS berichten dat “de branche” er nu voorstander van is om van ‘Letselschaderegelaar een beschermd beroep te maken. Ook wordt het Nationaal Keurmerk Letselschade (NKL) genoemd als een kwaliteitskeurmerk.

De ASP herkent het beeld dat er binnen de branche een ongereguleerd circuit is, waarbinnen mensen werkzaam zijn die enkel uit zijn op zo veel mogelijk zaken en daarmee zo veel mogelijk winst voor zichtzelf binnen te halen. Hiervoor is door de ASP al eerder meermaals aandacht gevraagd. Door de signalen uit de markt is door het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum van het Ministerie van Justitie en Veiligheid opdracht gegeven om een onderzoek te doen naar de kwaliteit van belangenbehartiging in de letselschadepraktijk. Voor de zomer worden de resultaten van dit onderzoek verwacht. Daarna is de politiek aan zet. Alleen de politiek kan wetgeving maken waarin het beroep van letselschaderegelaar een beschermd beroep wordt. Een beschermd beroep kan niet zomaar even zelf door ‘’de branche”’ in het leven worden geroepen.

Het is voor slachtoffers van belang dat zij zorgvuldig een keuze maken als zij een belangenbehartiger zoeken. Zij kunnen kiezen tussen een advocaat of een letselschadejurist.

Een letselschadezaak is in de kern een juridisch geschil. Het draait om de vraag of iemand aansprakelijk is en zo ja, welke schade vervolgens voor vergoeding in aanmerking komt.

Een specialist bij uitstek om een slachtoffer te helpen is een jurist die indien nodig kan procederen: een advocaat. De advocatuur is een goed gereguleerde beroepsgroep, met verplichte opleidingseisen, een beschermde titel, tuchtrechtelijk toezicht aangevuld met regels vanuit de eigen specialisatieverenigingen te weten de Vereniging van Letselschadeadvocaten (LSA) en de ASP. Het LSA en ASP-lidmaatschap zijn de het hoogste keurmerken voor een belangenbehartiger.

Wat de ASP betreft is er ook plaats in de markt voor andere spelers dan advocaten, zoals bijvoorbeeld NIVRE-experts op het gebied van personenschade. Het is wel van belang dat slachtoffers vooraf goed worden geïnformeerd en weten met wat voor een partij ze in zee gaan.

Zeker in het ongereguleerde circuit wordt de juiste en volledige informatie vaak node gemist. Veel letselschadekantoren adverteren op zoekmachines en hun kantoorwebsite teksten waarin gesuggereerd wordt dat aan het kantoor letselschadeadvocaten verbonden zijn, terwijl dit niet het geval is. In de praktijk van ASP-advocaten komt het geregeld voor dat een slachtoffer ten onrechte meent bijgestaan te worden door een advocaat, terwijl dat niet het geval is.

Het probleem van het ongereguleerde circuit doet zich alleen voor bij partijen die geen advocaat zijn. Het NKL is voor het ongereguleerde circuit een uitkomst, want het biedt deze kantoren een zekere legitimatie. Maar over de waarde van het keurmerk kan ernstig worden getwijfeld.

Van de ASP-advocaten, dat zijn gespecialiseerde letselschadeadvocaten die uitsluitend voor slachtoffers optreden, is vrijwel niemand lid van het NKL.

Het Keurmerk is mede in het leven geroepen als manier waarop de Letselschade Raad de eigen financiering rond kan krijgen. De Letselschade Raad heeft mede als doel alle ketenpartners, dus aansprakelijke verzekeraars en belangenbehartigers die voor slachtoffers werken, te binden aan de waarden en normen van De Letselschade Raad.  Aandacht voor goede belangenbehartiging voor het slachtoffer waarvoor een onafhankelijk werkende belangenbehartiging nodig is, ontbreekt.  

Het NKL is ook een kantoorkeurmerk en geen individueel keurmerk, dus het zegt weinig over de kwaliteit van de behandelaar van de zaak. Daarmee biedt het Keurmerk schijnveiligheid, want rechtzoekenden kunnen er niet van op aan dat hun belangen nu in goede handen zijn. Zo bezien gelooft ASP niet dat het NKL de oplossing voor het probleem is.

Wat volgens ASP vooral nodig is, is goede voorlichting aan rechtzoekenden. Daar ligt ook een schone taak voor de bureaus (ook leden van het NKL), want die proberen maar wat graag mee te liften op de naam van de advocatuur. Als je op Google opzoek gaat naar een letselschadeadvocaat word je bedolven onder advertenties van allerhande bureaus waar nou juist geen advocaten werkzaam zijn.

Graag denkt de ASP mee over oplossingen die echt voor het slachtoffer werken.  Een oplossing kan zijn dat er extra waarborgen worden ingebouwd in de schaderegeling, zoals een verplichte controle aan het eind van de zaak. Is het slachtoffer bijgestaan door een niet-advocaat, dan moet de vaststellingsovereenkomst als die ziet op een schade van € 25.000 of meer eerst worden getoetst door een gespecialiseerde letselschadeadvocaat, anders komt er geen voor het slachtoffer juridisch bindende regeling tot stand. De grens van € 25.000 is niet toevallig gekozen, dit is ook het bedrag waarboven in een rechtszaak verplichte procesvertegenwoordiging door een advocaat geldt.