Wie op de tram, bus of metro werkt, kan te maken te krijgen met ongelukken en bedreigingen. AT5 sprak de afgelopen weken met tientallen medewerkers van het Amsterdamse GVB die zeggen dat ze na zulke incidenten niet worden gesteund. Volgens hen krijgen ze weinig nazorg en worden ze onder druk gezet om snel weer aan het werk te gaan. “Vaak schuift de stadsvervoerder de schuld in de schoenen van de medewerkers.”

Met ruim 4500 medewerkers is het een van de grootste werkgevers van de stad. De meeste GVB’ers behoren tot het zogeheten ‘rijdend personeel’: buschauffeurs, metro- en trambestuurders, conducteurs en pontschippers. Veel GVB’ers raakten tijdens hun werk betrokken bij een ongeluk of geweldsincident. Ze voelen zich door de werkgever niet gesteund, maar juist gewantrouwd en soms zelfs ronduit tegengewerkt. Sommigen maakten een aanrijding mee, anderen een ernstig ongeval, een ander werd in elkaar geslagen door een groep jongeren. Na de incidenten liet het GVB de medewerkers in de kou staan, aldus AT5 die de GVB’ers sprak.

Aansprakelijkheid ontlopen
Uit de gesprekken komt het beeld naar voren van een organisatie die in dit soort gevallen bereid is ver te gaan om aansprakelijkheid te ontlopen. AT5 noemt verschillende voorbeelden waaruit een tactiek blijkt van ontkennen en vertragen: “Mijn advocaat wilde hen aansprakelijk stellen, maar toen was ineens de hele mailcorrespondentie met mijn leidinggevende verdwenen. Ze vertragen de boel net zo lang tot het verjaard is.”

Ongevallen worden niet altijd gemeld
Het GVB moet ernstige ongelukken melden bij de Inspectie voor de Leefomgeving en Transport (IL&T). Het vervoerbedrijf zegt dat ook te doen, maar volgens medewerkers is dat niet altijd het geval. Bedrijfsongevallen moeten ook worden gemeld, bij de Arbeidsinspectie. Maar ook die incidenten probeert het GVB soms binnenskamers te houden, blijkt uit documenten die AT5 heeft ingezien. Dat is in strijd met de wet.

Reactie GVB
In een reactie op het onderzoek van AT5 verklaart GVB onder meer: “Er wordt gesuggereerd dat de genoemde voorbeelden geen incidenten betreffen maar dat er sprake is van een patroon. Wij herkennen dat niet. Wel nemen we alle signalen serieus en zullen we onderzoeken of er ook in de huidige actualiteit casussen zijn waar op de genoemde punten verbetering nodig is.”

Lees het hele artikel van AT5.