Een voormalig medewerker van de ANWB daagt de bond voor de rechter vanwege de asbestose die bij hem is vastgesteld. Hij wil zijn oud-werkgever aansprakelijk stellen voor de ongeneeslijke longziekte, veroorzaakt door blootstelling aan asbest. Sinds hij in 2021 de diagnose kreeg, vraagt hij om een schadevergoeding en de erkenning dat zijn werk bij de Wegenwacht onveilig was. Omdat hij geen inhoudelijke antwoorden van zijn oud-werkgever krijgt, probeert hij die nu via de rechter af te dwingen.

De man (80) werkte bijna veertig jaar als wegenwacht bij de ANWB. Onder zijn werkzaamheden behoorden reparaties aan asbesthoudende remmen, die hij met een staalborstel moest bewerken. In de jaren negentig ervoer hij zijn eerste onverklaarbare klachten. Hij voelde zich snel moe en benauwd, ook had hij klachten aan zijn organen. In 2003 werden de klachten zo erg dat hij moest stoppen met zijn werk. Ook zijn hobby’s moest hij opgeven. Hij zat thuis en vroeg een arbeidsongeschiktheidsuitkering aan.

Pas in 2021 kwam aan het licht dat de ANWB mogelijk verantwoordelijk is voor de klachten. In het ziekenhuis stelde een longarts vast dat de man asbestose had. Hij benaderde het Instituut Asbestslachtoffers (IAS), dat bemiddelt tussen slachtoffers van blootstelling aan asbest en werkgevers. Het IAS kreeg geen inhoudelijke reactie van de ANWB. Toen resultaat uitbleef, besloot het IAS uiteindelijk de bemiddeling te stoppen.

De man schakelde een advocaat in via het Comité Asbestslachtoffers (Cas), dat personen die lijden aan asbestgerelateerde ziektes ondersteunt. Via de advocaat probeerde hij opnieuw contact te leggen met de ANWB. Ze stelden een deadline. Nadat antwoord opnieuw uitbleef, werd een rechtszaak aangespannen. Op 28 november moet de ANWB zich nu voor de rechter verantwoorden.