Over de verschillende vormen van alternatieve geschilbeslechting in letselschadezaken wordt veel gezegd en geschreven. Sommigen methoden worden al jarenlang toegepast, zoals mediation. Andere vormen van het bereiken van overeenstemming, zoals de Kamer Langlopende Letselschadezaken van De Letselschade Raad, zijn nieuw. Vaak wordt alternatieve geschilbeslechting gepresenteerd als de gouden oplossing. Maar is dat in de praktijk ook zo? Daarover ging de discussie in de zevende aflevering van LetselLab.

Aan tafel bij presentator Tom van ’t Hek zaten manager Personenschade van Nh1816 Verzekeringen Rob Vissers, advocaat en mediator Geertruid van Wassenaer (Van Wassenaer Wytema Advocaten), Kennismanager van Centramed Aernout Santen en advocaat en VU-docent August Van (Beer advocaten).

August Van zet de belangrijkste vormen van alternatieve geschilbeslechting op een rij: “Het begin al met een driegesprek tussen partijen. Daarnaast heb je mediation waarbij partijen onder begeleiding van een derde gaan onderhandelen. En het bindend advies, zoals aangeboden door de Kamer Langlopende Letselschadezaken.” Santen benoemt daarnaast het niet-bindend advies en Vissers de klachtenprocedure van verzekeraars. Er bestaan naast de rechtspraak dus behoorlijk wat mogelijkheden.

Wanneer inzetten?
Als een schadebehandelaar van een verzekeraar voelt dat een zaak niet lekker gaat, op welk moment komt dat een methode als mediation in beeld? Rob Vissers legt uit hoe dat bij Nh1816 gaat: “Voor zaken die langer lopen hebben we een vier-ogenbeleid. Dus dan moet je in overleg met een collega en wordt gekeken naar de koers en het verloop van het dossier. Dan komen ook de mogelijke oplossingen op tafel.”

Aernout Santen schat in dat slechts 1 procent van de zaken bij alternatieve geschilbeslechting terechtkomt. Doorgaans zijn dat langlopende zaken. “Verzekeraars hebben geen belang bij zaken die lang lopen. Je probeert het zo goed mogelijk te doen en als je ziet dat dat niet lukt probeer je in gesprek te gaan. Persoonlijk contact is in die gevallen het beste, maar dat lukt niet altijd omdat de belangenbehartiger of de cliënt daartoe soms niet bereid zijn.”

Driegesprek, mediation of Kamer LLZ?
Van Wassenaer legt uit dat ieder van de methoden een ander karakter heeft: “Het is gedurende het proces goed om in de gaten te houden of de zaak goed loopt of dreigt vast te lopen. Als dat het geval is kun je – ook als belangenbehartiger – via drie manieren handelen: een driegesprek, waar de cliënt meer inzicht krijgt in wat er allemaal speelt en ook zelf z’n zegje kan doen. Helpt dat niet, dan is mediation een prachtig middel om de zaak vlot te trekken. De sleutel daarbij is dat partijen de tijd nemen om elkaar beter te begrijpen en erachter te komen wat ze van elkaar nodig hebben om tot een oplossing te komen. Bij de Kamer voor Langlopende Letselschadezaken werkt het anders, want dan geef je de regie uit handen: de beslissing wordt door een panel van deskundigen voor je genomen, op een heel korte termijn.”

Wil je de aflevering van LetselLab terugkijken? Dan kan hier.

Over LetselLab
LetselLab is een open online discussieprogramma over letselschade. Het is een initiatief van Studiecentrum Kerckebosch en Flyct Letselschade. “Regelmatig komen we bij elkaar om kennis en ervaring uit te wisselen over actuele en interessante thema’s. LetselLab wordt voor en door de branche georganiseerd en is gratis toegankelijk.”