Het aantal dodelijke slachtoffers op de Belgische wegen is in de eerste negen maanden van 2020 afgenomen en ook het aantal gewonden is flink gedaald. De groep fietsers en voetgangers blijft echter bovenmatig vertegenwoordigd in de aantallen. Volgens gouverneur Cathy Berx is de veiligheid van actieve weggebruikers het beste te verbeteren door de maximumsnelheid standaard vast te stellen op 30 kilometer per uur.

De ongevallencijfers werden onlangs gepubliceerd in een rapport van het Vias Institute. Er vielen 59 doden minder op de Belgische wegen en het aantal gewonden daalde met 20 procent. Een concrete afname van bijna 7.000. Berx laat weten blij te zijn over de daling, maar benadrukt ook het aantal mensen dat het leven laat op de weg of ernstig gewond raakt voor haar onaanvaardbaar hoog blijft.

Actieve weggebruikers
Ze noemt het ‘tragisch en wrang’ dat vooral fietsers en voetgangers vaak overlijden of gewond raken, omdat zij het verkeer veel veiliger maken voor alle weggebruikers. “Actieve weggebruikers vormen immers nagenoeg geen risico voor andere weggebruikers. Zij zijn geen risico voor anderen, maar lopen het grootste risico in het bijzonder door gemotoriseerd verkeer. Ook daarom is het onaanvaardbaar dat we net binnen deze categorie weggebruikers bovenmatig veel verkeersslachtoffers tellen.”

De beste oplossing is dan volgens haar ook om de maximumsnelheid te verlagen. Ze probeert lokale besturen er actief van te overtuigen om 30 kilometer per uur de norm te maken. “De ontmoetingssnelheid verhogen naar 50 of 70 kilometer per uur veronderstelt dat de weg zo is ingericht dat hij veilig is voor álle weggebruikers. En een weg is in principe veilig voor alle weggebruikers als hij vooral veilig is voor de actieve weggebruikers: concrete voorbeelden zijn vrije, gescheiden fietspaden, geen conflicterende kruispunten. Enkel wanneer er aan die voorwaarden voldaan is, kan de ontmoetingssnelheid opgetrokken worden.”

(Bron: Verkeersnet)