Hugo de Jager is senior advocaat personenschade bij juridisch dienstverlener DAS en staat slachtoffers met letselschade bij. Hij behandelt vooral zwaardere proceszaken. Als kenner van medische gedragscodes en normeringen werkte hij mee aan de Medische Paragraaf die sinds 2012 onderdeel is van Gedragscode Behandeling Letselschade. In dit jubileuminterview deelt Hugo zijn scherpe blik op de voorwaarden voor een soepel en zorgvuldig medisch beoordelingstraject. Hoe voorkom je als medisch adviseur de schijn van partijdigheid? Hoe beoordeel je subjectieve aspecten van letsel? En waarom pleit Hugo voor verdere professionalisering van medisch adviseurs als specialistische beroepsgroep?

Waarom was naast de gedragscode ook nog een Medische Paragraaf nodig?

De normen en richtlijnen in de Medische Paragraaf (MP) waren nodig om het medische beoordelingstraject soepeler en zorgvuldiger te laten verlopen. De MP vloeit voort uit het onderzoek van de wetenschappers Akkermans, Wilken en Legemaate naar het medisch beoordelingstraject bij letselschade. In 2009 verschijnt hun publicatie van de onderzoeksuitkomsten. Daarin beschrijven zij 27 knelpunten en mogelijke oplossingsrichtingen.

Er was sprake van onverdraaglijke praktijken die grotendeels voortkwamen uit partijdigheid. Het wederzijdse wantrouwen lag daaraan ten grondslag. Maar artsen behoren vanuit hun professie, de Artseneed, neutraal te zijn. Het onderzoek motiveerde mij daar iets aan te doen. Daarom heb ik van 2009 tot 2011 in twee werkgroepen meegewerkt aan de totstandkoming van de MP.

Wat doe jij als je merkt dat jouw cliënt de beperking overdrijft of doet alsof?

Als ik merk dat een slachtoffer moedwillig via mijn bemiddeling uit is op ‘ziektewinst’, dan maak ik dat direct bespreekbaar. Ik wil mijn vak naar eer en geweten uitoefenen. Kan dat niet, dan doe ik de zaak niet. Als letselschadeadvocaat behoor ik uitsluitend op te komen voor de gerechtvaardigde belangen van mijn cliënt. Daarop ben ik toetsbaar en dat wil ik ook zijn. Daar hoort ook ‘nee’ kunnen zeggen bij. Daarin volg ik de wijze raad van vakgenoot Hugo de Groot die zo’n vijfhonderd jaar geleden het volgende opschreef over de mores van een advocaat:

‘(…) Pleit eerst bij u zelf tegen de u toevertrouwde zaak
En geef als een streng arbiter uw voorvonnis er over,
Wees er voor bevreesd het recht af te meten naar de wensen uwer cliënten,
En acht niet rechtvaardig hetgeen der uiterlijke schijn voor zich heeft,
Diegeen moet noodzakelijkerwijs mistasten, die nooit nee kan zeggen.’

Alle partijen zijn wettelijk verplicht ‘de feiten volledig en naar waarheid in te brengen’ staat in artikel 21 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Dat geldt voor de verzekeraar, voor mij als belangenbehartiger en ook voor mijn cliënt, het slachtoffer.

Een cliënt kan trouwens ook onbewust ‘overdrijven’, zonder een slaatje uit de zaak te willen slaan. Naast fysieke gevolgen ervaart hij of zij ook de mentale impact van letsel. Hoe iemand daarmee omgaat hangt onder andere af van persoonlijkheidsaspecten. De medisch adviseur mag vanuit zijn deskundigheid alleen medische gevolgen van het letsel beoordelen. Persoonlijk vind ik die scheidslijn overigens nogal kunstmatig en ongewenst omdat lichaam en geest onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn.

Wat kunnen medisch adviseurs doen om partijdigheid en wantrouwen te voorkomen?

Zorg voor een deskundige, toetsbare en neutrale rapportage! Gebruik al je kennis en kunde als arts. Beperk je tot de medische informatie die relevant is voor de zaak. Schrijf duidelijk op wat je doet en hoe je tot je advies komt. Onderbouw je bevindingen en je oordeel over de beperking, risico’s en prognose van het slachtoffer goed. En laat tijdens je beoordeling je oor niet hangen naar één van de partijen. Met andere woorden: zet geen gekleurde bril op, wees neutraal. Zo komt jouw medisch advies zo dicht mogelijk bij de waarheid. Er was ooit een advocaat die verklaarde dat hij niet geïnteresseerd was in de waarheid; hij wilde van de medisch adviseur slechts de argumenten horen waarmee hij de zaak kon winnen. Maar zo werkt het niet. Dat is niet wat je van een arts mag verwachten.

Kwalitatief slechte rapportages leveren eigenlijk altijd discussie op. De arts schrijft iets op en het slachtoffer zegt dat het niet klopt wat er staat. Hoe kun je beoordelen wat juist is als een adviesrapport onvolledig is, onduidelijk is of het oordeel door de arts niet onderbouwd wordt?

Het slachtoffer moet erop kunnen vertrouwen dat het medisch advies juist is. Ontstaat er discussie dan wakkert dat ook het wantrouwen bij het slachtoffer aan. Vertrouwen in het advies is nodig om het advies te aanvaarden, zeker als het oordeel negatief uitpakt voor je. Het gevoel onrechtvaardig behandeld te zijn is per definitie niet gunstig voor het mogelijke herstel van een slachtoffer.

Maar nóg erger dan een slechte rapportage is als er helemaal niets op papier staat, al komt dat gelukkig weinig voor. Ik ken een gerenommeerd advocatenkantoor die het medisch advies alleen mondeling uitbracht. De cliënt moest er € 5.000,- voor betalen! Onaanvaardbaar vind ik dat.

Zo dicht mogelijk bij de waarheid komen: dus 100% waar is een advies nooit?

Nee, dat heeft te maken met de subjectieve aspecten van het beoordelen van letsel, ziekte en gezondheid. Het slachtoffer zegt pijn te ervaren of een beperking. Als medisch adviseur kun je die ervaring niet zelf voelen. De mate van pijn of beperking die het slachtoffer ervaart kan een arts moeilijk of niet objectiveren. Dat geldt ook voor de vraag of een bepaalde ingreep of behandeling de kwaliteit van leven van het slachtoffer verbetert. Alleen het slachtoffer zelf kan dat beoordelen.

Best logisch dus dat altijd veel discussie ontstaat als twee medisch adviseurs een niet objectiveerbaar letsel zoals whiplash beoordelen. Geloof je als adviseur de pijnbeleving van het slachtoffer of niet? Bij je oordeel daarover kan partijdigheid een rol spelen, maar zeker ook je eigen visie, ervaring en mensenkennis als medisch adviseur.

Daarom pleit ik ervoor dat één neutrale medisch adviseur namens beide partijen advies uitbrengt en beide partijen dat advies aanvaarden. Dat kan de adviseur van één van de betrokken partijen zijn of een externe partijneutrale medisch adviseur zoals 1MA.

Hoe maken jullie bij DAS de afweging om met 1 of 2 medisch adviseurs te werken?

De uiteindelijke keuze ligt bij onze cliënt wiens belangen we behartigen. We leggen uit wat de voordelen en nadelen van beide opties kunnen zijn. Daarbij baseren we ons op onze eigen ervaringen met beide varianten.

Ik heb zelf meer ervaring met het 2MA-model en wat daarbij geregeld misgaat. Vaak ontstaat bijvoorbeeld discussie tussen de partijen over de omvang van de medische informatie waarop het oordeel gebaseerd is. Welke informatie is relevant voor het letsel? Hoe ver ga je terug in de medische voorgeschiedenis van het slachtoffer? Ook het opvragen en delen van medische informatie is tijdrovend en gevoelig voor fouten. Post komt niet aan. Of het is onduidelijk van wie de informatie komt of over wie het gaat.

Collega’s bij DAS die meer ervaring hebben met het 1MA-model, waarderen de persoonlijke aanpak van medisch adviesbureau 1MA. De medisch adviseur van 1MA kijkt niet alleen naar dossiers, maar spreekt en ziet de cliënt altijd. Cliënten krijgen daardoor meer vertrouwen in de arts en het uiteindelijke advies. Ik feliciteer 1MA bij deze nogmaals met het succesvol bereiken van haar 10-jarig jubileum. Want laten we wel wezen: het was 10 jaar geleden toch wel een gewaagd experiment toen 1MA als eerste medisch adviesbureau partijneutraal ging werken. Destijds werkte de letselschadewereld nog liever volgens de oude vertrouwde patronen.

Welke verbeteringen zie je sinds de invoering van de Medisch Paragraaf?

De kwaliteit van de medische adviezen is enorm verbeterd. De normen staan duidelijk op papier. Het is een naslagwerk waaraan adviseurs gehouden kunnen worden. De meeste adviezen die ik zie voldoen nu aan de gestelde basiseisen en zijn beter gedocumenteerd.

Tegelijkertijd met de invoering van de MP in 2012 hanteert ook het medisch tuchtcollege de strengere normen uit de MP bij haar advisering en toetsing van de kwaliteit van de beroepsuitoefening.

Een recentere verbetering is de in 2021 herziene KNMG-richtlijn voor het omgaan met medische gegevens. De richtlijn is afgestemd op de actuele wet- en regelgeving en de inhoud is duidelijker opgebouwd om als naslagwerk te raadplegen. Voor zover ik kan overzien voldoet de werkwijze van 1MA als enige medisch adviesbureau aan deze KNMG-richtlijn.

Ik ben blij met deze verbeteringen, maar we zijn er nog niet. Er gaat veel geld om in de letselschadesector. Verzekeraars en belangenbehartigers staan van oudsher tegenover elkaar, dat verander je niet zomaar. Nog steeds kunnen eigenbelang en financieel gewin de medische beoordeling beïnvloeden. Zeker als beide partijen hun eigen medisch adviseur dezelfde zaak laten beoordelen en hun oordeel verschilt, is de schijn van partijdigheid snel gewekt. Met als gevolg meer wantrouwen en discussies die tijd en geld kosten.

De volgende stap: hoe doorbreek je die oude vertrouwde patronen?

Door de neutraliteit van medisch adviseurs beter te borgen! Dat kan op verschillende manieren, ik zal een paar van mijn ideeën daarover toelichten.

Samen één medisch advies

Laat alle medisch adviseurs zich openstellen voor opdrachten in gezamenlijkheid, dus één advies uitbrengen namens beide partijen. Dat scheelt veel discussie. En dus tijd en geld

Advies van een onafhankelijk deskundige

In heel veel proceszaken wordt bij discussie uiteindelijk een onafhankelijk deskundige ingeschakeld, een medisch specialist. Waarom doen we dat eigenlijk niet meteen, voordat er discussie ontstaat?

Verenig medisch adviseurs in één erkende beroepsgroep

  • Maak van het beroep medisch adviseur ook een specialisatie. Artsen die als medisch adviseur werkzaam zijn, zijn net zo goed specialisten als huisartsen en verzekeringsartsen dat zijn.
  • Ik pleit ervoor om medisch adviseurs anders te organiseren, zodat de beroepsgroep zich verder kan professionaliseren.
  • Erken deze beroepsgroep als specialisten en verenig hen in één beroepsvereniging. Nu zijn er twee partijgebonden organisaties: Werkgroep Artsen Advocaten (WAA) die aan de kant van de slachtoffers staan en Geneeskundig Adviseurs Verzekeringszaken (GAV) die vooral aansprakelijkheidsverzekeraars vertegenwoordigen. Betrek daarbij ook de leden van de Nederlandse Vereniging voor Medische Specialistische Rapportage (NVMSR), want aan specialistische rapportages worden dezelfde eisen gesteld als aan medische adviezen.

Kortom: ik roep alle medisch adviseurs op om zich te verenigen in één beroepsvereniging die voor verdere professionalisering van leden zorgt. Zoals het formuleren van randvoorwaarden voor de medische beoordeling, opzetten van een vakopleiding en eventueel eigen tuchtrecht.