In 1954 ontving Nederland ruim 1 miljoen gulden uit de verkoop van de beruchte Birmaspoorweg. Dit bedrag diende uitbetaald te worden aan de dwangarbeiders die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn verscheept naar Birma en Thailand. De reconstructie van de namenlijsten van deze dwangarbeiders laat zien dat tenminste 5807 van hen nooit in aanmerking zijn gekomen voor smartengeld.

De Nederlandse staat had in 1954 de plicht smartengeld uit te betalen aan de 15.785 KNIL-militairen die tijdens de Tweede Wereldoorlog dwangarbeid aan de Birmaspoorweg moesten verrichten. Door listige trucs hield de overheid een deel van dit geld echter in kas. Daarnaast sloot zij op voorhand een aantal groepen uit, waaronder dwangarbeiders die wel verscheept waren, maar overleden voordat zij tewerkgesteld konden worden.

Follow the Money toont op basis van een data-analyse aan dat ten minste 5.807 dwangarbeiders (ruim 36 procent van de betrokkenen) onmogelijk uitbetaald kunnen zijn. Het gaat om een geïndexeerd bedrag van een kleine 30 miljoen euro.

Lees het hele artikel op Follow The Money.

(Bron: Follow The Money)