Op 30 maart 2022 heeft de Rechtbank Rotterdam zich gebogen over de vraag of een schoonheidssalon aansprakelijk is voor brandwonden die bij een medische pedicure behandeling zijn ontstaan op de linkervoet van een klant.

Door mr. Demen Bülbül

Feiten
Op 17 juli 2020 heeft een mevrouw (hierna: verzoekster) een medische pedicure behandeling ondergaan bij een schoonheidssalon. Hierbij zijn onder andere de likdoorns, oftewel de eeltknobbels, onder haar rechtervoet behandeld. De likdoorns zijn behandeld met een tweetal producten: Clearance Calluses and Hard Skin Eliminator en Clearance Treatment Soap. Als gevolg van de behandeling is er een brandwond ontstaan op de linkervoetwreef van verzoekster. Een dag later bezocht zij de huisartsenpost. Op de huisartsenpost is genoteerd dat het zuur van de producten die tijdens de behandeling op het been van verzoekster zijn gesmeerd, door de huid heen heeft gevreten en een brandwond ter grootte van een handpalm heeft veroorzaakt op de linkervoetwreef van verzoekster. Gezien de gevolgen van de medische pedicure behandeling heeft verzoekster de schoonheidssalon aansprakelijk gesteld voor alle geleden en nog te lijden materiële en immateriële schade als gevolg van de behandeling op 17 juni 2020.

Juridisch kader
De schoonheidssalon betwist allereerst dat de brandwonden die verzoekster stelt te hebben opgelopen door de pedicure behandeling zijn ontstaan. Dit omdat de wreef van de linkervoet van verzoekster niet is behandeld, terwijl de brandwonden zich aldaar hebben geopenbaard.  Bovendien zou verzoekster pas na thuiskomst geklaagd hebben over brandwonden op haar voet en stelt de schoonheidssalon dat de gebruikte producten dagelijks worden gebruikt en er zich nooit eerder een incident heeft voorgedaan. Volgens de schoonheidssalon kunnen de gebruikte producten geen brandwonden veroorzaken: er kan eventueel alleen een brandend gevoel ontstaan, maar geen tweedegraads brandwond. Ook met het gebruik van de producten was volgens de schoonheidssalon niets mis. De voeten van de verzoekster zijn met een vijl behandeld en er is geen peelingbad toegepast. Daarnaast vindt de schoonheidssalon het opmerkelijk dat alleen op de linkervoetwreef van verzoekster een brandwond is ontstaan, terwijl haar beide voeten zijn behandeld.

Volgens de rechtbank kan het niet anders dan dat de brandwond aan de linkervoetwreef van verzoekster is ontstaan door de medische pedicure behandeling van 17 juli 2020. De rechtbank baseert dit op een aantal omstandigheden. Zo heeft verzoekster reeds een kwartier nadat de behandeling was afgerond met haar mobiele telefoon een foto gemaakt van de brandwond, is zij een dag later naar de huisartsenpost geweest, bezocht zij vanaf 20 juli 2020 meerdere keren haar eigen huisarts en is niet gebleken dat zij vóór de behandeling brandwonden had op haar voet. Daarnaast heeft verzoekster haar stelling dat de brandwond door de pedicure behandeling is ontstaan verder nog onderbouwd door middel van een schriftelijk bericht van de huisarts van 13 oktober 2020, waarin is vermeld dat hij/zij op basis van het medisch journaal van mening is dat de chemische brandwond het gevolg is van de pedicure behandeling, en e-mails van de producent van de producten, waaruit volgt dat de producten alleen zijn bedoeld voor cosmetische behandelingen en niet voor medische pedicure behandelingen zoals bij verzoekster het geval is geweest en dat de behandeling door iemand is verricht die geen demonstratie/workshop bij Clearance heeft gevolgd, zodat niet gegarandeerd kan worden dat de producten op een juiste wijze zijn gebruikt. Daarnaast volgt uit een medisch advies dat op initiatief van verzoekster is uitgebracht dat het er alle schijn van heeft dat de brandwonden zijn ontstaan door het onjuiste gebruik van de producten.

De schoonheidssalon betwist dat de producten verkeerd zijn gebruikt, maar heeft geen concrete feiten en omstandigheden naar voren gebracht ter onderbouwing daarvan.

In feite is slechts sprake van een blote betwisting van de onderbouwde stellingen van verzoekster. Dat de schoonheidssalon geen openheid van zaken heeft gegeven met betrekking tot de pedicure behandeling klemt volgens de rechtbank temeer nu zij als schoonheidssalon onder het toezicht van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) valt, waardoor dus de nodige (medische) kwaliteitseisen en verplichtingen op haar rusten. Ook vereist de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz) dat zorgaanbieders, zoals de schoonheidssalon, over een onafhankelijke klachtenregeling beschikken en dat deze zijn aangesloten bij een onafhankelijke geschilleninstantie. Tijdens de zitting heeft de gemachtigde van de schoonheidssalon desgevraagd meegedeeld dat hij niet weet of de schoonheidssalon aan die vereisten voldoet. Uit de door partijen in het geding gebrachte stukken kan dit in ieder geval niet worden opgemaakt.

Het voorgaande leidt tot de conclusie dat er in rechte vanuit wordt gegaan dat de brandwond door de medische pedicure behandeling op 17 juli 2020 is veroorzaakt. Dit betekent dat de schoonheidssalon is tekortgeschoten in de nakoming van de behandelingsovereenkomst en op grond van wanprestatie (artikel 6:74 BW) aansprakelijk is voor alle materiële en immateriële schade van verzoekster als gevolg van de behandeling op 17 juni 2020.

Conclusie
Wie een medische pedicure behandeling ondergaat dan wel verzorgt, doet er goed aan om na te gaan of daarbij de juiste producten gebruikt worden. Gebruik van voor cosmetische behandelingen bestemde producten kan namelijk grote gevolgen hebben, zo blijkt wel uit de uitspraak van de Rechtbank Rotterdam.

U kunt de uitspraak, die op 5 april 2022 is gepubliceerd, hier teruglezen.

(Bron: Jeroen Bosch Advocaten)